Overgangspunten
De te ‘moeten grens’gaat voor elke klasse met 20 punten omhoog. Zie in onderstaande tabel de nieuwe grenzen

De klasse-overgang van beginnelingen naar licht kan vanaf 0 punten bij de paarden. Bij een overgang van beginnelingen naar licht start men steeds op licht 20 punten. Bij de pony’s kan de overgang enkel vanaf beginnelingen 20 punten.
De springpunten en de klasse behoren aan de combinatie.
a) Eenmaal per jaar (einde indoorseizoen) is de eindstand bepalend voor de indeling van de klassen. Tijdens het tornooi- of indoorseizoen mag, maar moet men niet, van klasse verhogen. Tijdens het tornooi- of indoorseizoen kan men niet verlagen. Tussen het laatste gewestelijk tornooi waaraan men heeft deelgenomen en het provinciaal tornooi en tussen een provinciaal en nationaal tornooi verhoogt men niet van klasse.
b) Bij iedere overgang vervallen de punten boven de bovengrens en wordt gestart op de benedengrens van de nieuwe klasse.
c) Een combinatie die door minpunten beneden de puntengrens zakt, wordt op het einde van het indoorseizoen terug op de benedengrens van deze klasse geplaatst. Op vraag kan de juiste puntenstand in de lagere klasse toegekend worden.
d) De puntenstand zal niet meer onder de grens van nul 0 punten teruggebracht worden.
e) Een combinatie kan een klasseverhoging aanvragen tot de maximum hoogst behaalde klasse van de ruiter, ongeacht de behaalde punten in de huidige springklasse, maar wel rekening houdende met de leeftijd van het paard. Dit kan echter nooit binnen één seizoen, wel tussen het zomerseizoen en het winterseizoen of omgekeerd. Men kan dus overgaan naar een hogere klasse NA het Nationaal Indoorkampioenschap of NA het Nationaal Kampioenschap.
f) Een combinatie die gedurende minstens één jaar (12 maanden) niet meer heeft deelgenomen aan officiële wedstrijden, kan opnieuw een beginklasse vragen. Hij start dan op de benedengrens in deze klasse en behoudt zijn rechten op selectie.
g) (Tijdelijke) klasseverlaging: Een deelname in een lagere klasse kan voor bestaande combinaties aangevraagd worden. Dergelijke combinaties kunnen wel deelnemen aan eventuele barrages, komen wel in aanmerking voor de prijsuitreiking, maar ontvangen geen selectiepunten.
h) Rijden buiten wedstrijd: Een tijdelijke deelname in een lagere klasse kan voor bestaande combinaties die hun (vroegere) klasse of een klasseverhoging niet aankunnen. Dergelijke combinaties kunnen niet deelnemen aan eventuele afzonderlijke barrages, komen niet in aanmerking voor de prijsuitreiking en ontvangen geen selectiepunten. (In geval van een wedstrijd in 2 fasen, mag de 2e fase wel gereden worden). Zij dienen dit duidelijk op hun wedstrijdkaart te noteren voor de wedstrijd en op het secretariaat van de jury te melden.
Buiten wedstrijd rijden in een hogere klasse is niet toegestaan (indien de puntengrens van die klasse niet is bereikt)
i) Een combinatie die na het zomerseizoen door minuspunten lager komt dan de benedengrens kan op vraag voor het indoorseizoen de juiste puntenstand in de lagere klasse toegekend worden met selectie.
j) Een combinatie waarvan de pony als gevolg van een meting in een hogere stokmaatcategorie terecht komt, behoudt haar springklasse met behoud van punten. Op vraag kan deze combinatie 1 springklasse verlagen. In dit laatste geval start zij op haar punten min 20. Indien de pony als gevolg van een meting in een lagere stokmaatcategorie terecht komt, behoudt deze combinatie haar springklasse met behoudt van punten. Bij dressuur behoudt deze combinatie in beide gevallen haar klasse en punten. Reeds behaalde selectiepunten in de vorige stokmaatcategorie verliest men.
k) Een ruiter die bij de rijverenigingen aantreedt met een D-pony start in de klasse Aspiranten of Beginnelingen (springen of veelzijdigheid). Indien deze combinatie bij de pony’s DM reed, kan deze starten in Beginnelingen op 10 winstpunten. In ieder ander geval, moet met beginnen op maximaal Beginnelingen met nul winstpunten. Deze combinatie kan echter niet op ieder moment naar licht en zal zijn 20 punten dienen te halen voordat zij de overgang naar licht mag maken.
l) Ruiters van 65 jaar of ouder, zijn bij een klasse overgang niet verplicht om te stijgen. Zij kunnen bij het Nationaal Bestuur aanvragen om in de huidige klasse te blijven met behoud van selectiepunten.
Een bestaande combinatie kan op elk ogenblik een klasseverhoging aanvragen op basis van zijn/haar qualifying results.